30 mei 2016, Ouagadougou

30-5-2016

Waarom gaat een Belg, houder van 60 melkkoeien en stichter van de coöperatieve Faircoop (Fairebel) voor zes dagen naar Burkina Faso?

Erwin Schöpges komt er de inhuldiging van het label Fairefaso bijwonen en zich solidair tonen met zijn Burkinese collega’s, bij wie hij zich betrokken voelt. Een reisverslag.

Boodschappen doen in ‘Ouaga’

Vanochtend ben ik een kijkje gaan nemen in twee winkels in Ouagadougou om eens te zien wat er zoal in de rayon van de zuivelproducten verkocht wordt. Eerst ben ik naar de Bingo Market in het centrum van de stad gegaan en daarna naar Mille désirs, gelegen in een volksere wijk.

In beide winkels kwam ik tot dezelfde vaststelling: terwijl ik door de winkelgangen wandelde, was ik onthutst door de massa Europese zuivelproducten die in Burkina Faso worden geïmporteerd. Wanneer ik de situatie vergelijk met wat ik heb gezien tijdens mijn vorige verblijf in het land, dag op dag een jaar geleden, dan valt me op dat er heel wat veranderd is. Het aanbod is veel diverser geworden. Zo kunnen klanten er nu UHT-melk (in een ‘Tetra Pak’) vinden en hebben ze de keuze uit een ruim aanbod poedermelk: met granen, verrijkt met ijzer, met cacaosmaak, noem maar op.

Het merendeel van de uit België geïmporteerde poedermelk is afkomstig van Milcobel, de grootste melkcoöperatieve in België. Dit was een schok voor mij. En ik zal nog even nodig hebben om die te verteren … In de nu bijna drie jaar dat ik contacten onderhoud met mijn collega-melkboeren hier in Burkina Faso, hebben zij altijd kritiek gehad op de massale invoer van Europees melkpoeder. Wij, de Belgische en Europese boeren, overspoelen hun markt en maken zo de verkoop van melk uit Burkina kapot. Het is een tastbaar bewijs van wat er van onze sector geworden is als gevolg van het Europese landbouwbeleid, dat gebaseerd is op een liberalisering van de markten. Een trieste zaak voor ons beroep …

Ik heb even kunnen spreken met enkele klanten uit de buurt die boodschappen kwamen doen. Uit die gesprekken bleek dat ze niet overtuigd waren van de kwaliteit van de lokale melk, ook al gaven ze toe dat hij lekkerder smaakt omdat er geen bewaarmiddelen in zitten … Wat mij betreft, is dat nog het meest schandelijke in dit verhaal. Met hun marketing hebben de multinationals het voor elkaar gekregen dat de mensen bang zijn om lokaal geproduceerde melk te drinken. Reclameslogans zoals “Voedt en beschermt” werken perfect doordat ze de indruk wekken dat de lokale melk niet goed is: drink geen Burkinese, maar Europese melk. En het werkt! Kinderen komen af op de kleurrijke, slim ontworpen verpakkingen waarop het hoge vitaminegehalte geprezen wordt. Resultaat: de witte potten melkpoeder, met de soms scheef geplakte – en dus minder aanlokkelijke – etiketten, laten ze links liggen.

Maar laten we niet wanhopen. Want hoewel de winkels overspoeld worden met buitenlandse merken die de Europese overproductie afzetten in Afrika, staan er ook lokale producten in de rekken. Dat is toch al iets!